• Kristel Busschaert

Bij de boom van Mike

Hij las mijn boek 'Niet zomaar' een aantal jaren geleden. Een soort dagboek over mijn verdriet, opgedragen aan alle rouwende tantes. Het raakte hem. Het raakte mij dan weer dat hij zich liet raken door mijn schrijfsels. Hij vroeg of hij mijn zus, de mama van Mike, kon ontmoeten. Dat vond ik een goed idee. Zij ook.

Samen nemen we de trein, met een tas vol heerlijk eten. Mijn zus, herstellend van een schouderoperatie, mist haar oogappel. Hoe kan het ook anders. Door de fysieke pijn komt die andere, vaak nog sluimerende hartepijn meer op de voorgrond. Het mag er zijn. Na het eten gaat ze even rusten en fietsen wij even richting de school van Mike. Graag toon ik hem de boom die geplant werd in de schooltuin na Mike's begrafenis. Gelukkig staat het hek open. Gelukkig zie ik meteen een juf met mondmasker bij een bende spelende kinderen in de ‘noodopvang’ wegens de vervroegde ‘paaspauze’.

‘Mag ik eens vragen? ‘k Ben de tante van Mike die hier nog naar school ging…geen idee of je hem nog gekend hebt. ‘k Wil graag de boom die hier op speelplaats geplant werd ‘ns tonen aan een vriend van me. Of dat kan? En of ze Mike heeft gekend! Een schooljaar lang zat hij in haar klas. Geen idee of ik haar zonder mondmasker zou herkend hebben, maar ik kan het niet laten om haar te vragen hoe ze aan hem terugdenkt. Door haar stoffen lapje zie ik een brede glimlach. En ik luister gretig naar de herinneringen aan een kind dat veel ruimte innam, maar ook veel gaf. Geen grijze muis. Heel grappig en misschien nog het allermooiste, met veel dankbaarheid in het leven staand. Zou hij onbewust geweten hebben dat zijn tijd hier kort is waardoor zo veel kleine dingen ook kostbaar waren, gaat er door mijn hoofd? En waar we het zeker over eens zijn, is dat corona ook voor hem geen lachertje zou geweest zijn. Voor ’t eerst hoor ik uit de mond van die lieve juf dat hij soms ook spontaan haar richting kwam uitgelopen om haar een dikke knuffel te geven.


Of zijn juf uit het zesde leerjaar hier ook is, wil ik nog weten. Ja, maar ze is nu aan het werk met een stagiaire, eentje die nog in de klas van Mike zat. Kleine meisjes en jongens worden groot. Toch maar even een berichtje inspreken, beslis ik. Je weet maar nooit. En dan hoor ik mezelf, zittend bij de boom, vertellen hoe dat plekje een trefpunt werd voor de kinderen uit zijn klas, zelfs nadat ze naar andere (middelbare) scholen uitzwermden. Hoe belangrijk zo’n fysieke plek dan ook blijft om te delen, om herinneringen levend te houden. Hoe mijn zus en ik samen met de kinderen tekeningen maakten en ze ophingen aan de takken. Hoe de boom uiteindelijk doodging en er een nieuwe geplant werd. Dit keer met een vogelvoederbakje, opgehangen door een meester op zoek naar een geschikt plekje. Hoe er ondertussen geen kind meer op school te bespeuren valt die nog weet wie Mike is. En dan komt juf Sofie vrolijk het grasplein opgelopen, om even die laatste gedachte te ‘corrigeren’. Zijn foto staat nog steeds in haar klasje. Soms komen de kinderen op 1 september vragen of het haar zoontje is. Nog élk schooljaar opnieuw, op 1 september, vertelt ze aan haar nieuwe groep over Mike. Hoe hij, ondertussen bijna 10 jaar geleden, net 1 weekje in haar klas mocht zitten. Hoe het dan muisstil wordt. Hoe dat er ook helemaal mag zijn. Elk jaar rond 1 november maakt ze samen met de kinderen bloemstukjes, vervolgt ze. Die mogen ze dan meenemen naar huis voor bij een plekje van een geliefde. Soms komen kinderen haar vertellen dat ze nog niemand moeten missen. Ze antwoordt dan dat ze daarmee heel veel geluk hebben. Als ze nog een plekje zoeken, mogen ze hun stukje ook bij de ‘boom van Mike’ zetten, zegt ze dan. Zo treffen we nog 3 potjes aan met uitgewinterde plantjes, herinnerend aan dat mooi ritueel.

Bij haar voel ik geen onwennigheid rond de dood. Bij haar voel ik vooral veel zin in het leven. Schoon hoe ze de dood, als deel van het leven, ook zonder lading kan meegeven aan haar kinderen.

Die ochtend had ik nog wel een mail in mijn inbox, met info over een cursus 'rouw bij kinderen'. Een volle ja kon ik niet voelen dus ik parkeerde hem nog even als 'ongelezen' om alvast later dat knoopje door te hakken. Ondertussen weet ik het wel zeker, inschrijven ga ik me niet doen. Af en toe juf Sofie blijven ontmoeten bij die boom is meer dan inspirerend genoeg om verder te gaan met dit mooi werk. Dus ja, ook die mail mag gewist worden, maar de herinneringen die vandaag gewisseld werden bij de boom liever nooit...graag voor altijd!


Ontroerd fietsen we weer weg. Tranen over mijn wangen. En dan even een liefdevolle hand op mijn schouder vanop die fiets naast me. Gelukkig is er ook nog de zon en veel zingende vogels. En mensen die elkaar toch opzoeken in de buurt van het lege terras bij het dorpscafé. Even stoppen we nog bij de bakker. ‘k Betrap mezelf erop dat ik de impuls onderdruk om de winkelbediende te vragen of ze Mike nog gekend heeft. Net na zijn over-lijden zat daar geen rem op. Het viel me toen op hoe iedereen geraakt was door het verhaal van dat jongetje dat overleden was in zijn slaap, op bezoek bij oma en opa. Niet iedereen kende hem, het verhaal kende iedereen. Maar nu hou ik me in. Het is immers al bijna 10 jaar geleden, fluistert een stemmetje me in. Bij thuiskomst toon ik mijn zus de foto van de ontmoeting met zijn allerliefste juf bij de boom. Tot in mijn hart kan ik voelen hoe het haar moederhart raakt. En geen stemmetje dat herhaalt dat het toch al bijna 10 jaar geleden is? Gelukkig maar...

230 keer bekeken2 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven